Een paar dagen later vraagt zijn Joep aan zijn moeder of hij nog eens naar oma mag. ‘Naar oma?’vraagt zijn moeder verbaast. ‘Daar wil je meestal helemaal niet naar toe.’ ‘Ach’, zegt Joep,’ze valt eigenlijk wel mee.’’Nou ja’, zegt Joep’s moeder weer,’bel haar dan maar op dat je komt. Ze belde zelf daarstraks al om te vragen of je langskwam, maar ik heb geantwoord dat ik dacht dat je het te druk had, omdat je toch wel niet zou willen. Ze klonk echt teleurgesteld. Ik snap er niets van. Wat is dat met jullie?’ ‘Niets, niets,’zegt Joep. Hij loopt naar de telefoon en als zijn moeder uit de kamer is verdwenen belt hij naar oma.
Even later zit hij al op zijn fiets. Zijn moeder komt hem haastig achterna:’Wat ga je doen ,’vraagt ze. ‘Naar oma,’antwoord Joep. ‘We hebben afgesproken bij het veldje achter de oude fabriek.’Dat is niet zo ver weg als het huis van oma en daarom vindt Joep's moeder het goed, hoewel ze wel verbaast is dat ze daar hebben afgesproken. Joep rijdt haastig weg voor zijn moeder zich bedenkt of nog meer gaat vragen.
Als hij even later bij het veldje komt is oma er nog niet. Hij gaat op een heuveltje zitten wachten. Na een tijdje ziet hij in de verte iemand op een fiets aankomen. Zo te zien is die fiets zwaar beladen. De fietser komt dichterbij en Joep herkent zijn oma. Hij staat op en rent naar haar toe. ‘Toe help me eens eventjes,’roep ze al van een afstand. Joep ziet dat de vleugels uit haar fietstassen steken. Achterop heeft ze ook nog en koffer. Joep helpt oma bij het stoppen. De fiets is topzwaar en als Joep niet had geholpen was hij zeker met oma en al omgevallen.’Pak eerst die koffer maar,’zegt oma weer,’dan kan ik de fiets wel op de standaard zetten.’Het is zo’n ouderwetse opoefiets met een beugelstandaard, waardoor de fiets mooi recht blijft staan. Joep zet de koffer op de grond en helpt dan oma voorzichtig de vleugels uit de fietstassen te halen. ‘Neem jij de koffer dan neem ik de vleugels,’zegt ze en loopt door naar een iets hoger heuveltje een eindje verderop. Boven op de heuvel gaat ze zitten en puft tegen Joep:’Nou dat viel nog niet mee, ik zou eens wat vaker op de fiets moeten stappen.’ Joep ploft naast haar neer en kijkt nieuwsgierig naar de koffer. ‘Ik zal je zo laten zien wat er in zit, maar eerst moet ik je wat vertellen.’ Joep is een en al oor. ...
maandag 16 juni 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten